Corine Kisling is geboren in Rotterdam (1954), en studeerde Franse taal- en letterkunde aan de Rijksuniversiteit te Leiden, waar ze zo'n twintig jaar bleef wonen. Na haar studie is ze begonnen als vertaler, eerst uit het Frans, later ook uit het Engels.

In 1993 kwam een eerste eigen roman uit, Tangen. Een jaar later volgde De Engelenbak die getipt werd voor de Librisprijs. In 1996 verscheen Satan in de polder, die bekroond werd met de Schaduwprijs (debuutprijs voor een Nederlandstalige thriller). In opdracht van de Suikerunie (nu Cosun) schreef ze in 1998 een roman ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van deze coöperatie, De groene gloed. Haar vijfde roman, Afgrond, verscheen in 2004.

Inmiddels was ze, samen met echtgenoot auteur Paul Verhuyck verhuisd naar Graauw, een dorp in Zeeuws-Vlaanderen. Sinds 2007 schrijven ze ook samen romans als het duo Kisling & Verhuyck.

In mei 2013 is er weer een roman van eigen hand verschenen: Het badhuis.





Laatst bijgewerkt op 13 augustus 2014
 

Klik op de cover voor flaptekst, recensies en fragment.



Het badhuis, Arbeiderspers, A'dam-Utrecht 2013

Er ligt een oude hand op de rand van de badkuip. Ze ziet hem meteen als ze haar ogen opendoet. Een getaande klauw met vuile nagels...




Afgrond, Arbeiderspers, A'dam 2004

Een man, een vrouw, een moeder. Een veel te hoge temperatuur voor de tijd van het jaar, en een hotel dat naar de hel genoemd is.






De groene gloed, Cosun 1999; Arbeiderspers /Archipel, A'dam 2000

Hannah Best keert terug naar haar geboortedorp Belderhoek dat ze ooit had verlaten omdat er volgens haar nooit iets gebeurde...